Uitspraak
1.Onderzoek van de zaak
2.Grondslag van de vordering
3.De vordering
4.De verdediging
5.De beoordeling
anderestrafbare feiten dan waarop de veroordeling ziet – mits voldoende aanwijzingen bestaan dat zij door de veroordeelde zijn begaan – kan op grond van artikel 1:77, tweede en derde lid, wederrechtelijk verkregen voordeel worden ontnomen dat uitgaat boven hetgeen rechtstreeks voortvloeit uit het feit zoals bewezen is verklaard. Het door de officier van justitie berekende voordeel is echter niet verkregen uit dergelijke andere feiten.
6.Berekening van het wederrechtelijk verkregen voordeel
7.Bewijsmiddelen
9.Beslissing
TWEEËNVIJFTIGDUIZEND ZESHONDERDENNEGENTIG FLORIN EN VIERENVEERTIG CENTEN (Afl. 52.690,44);
ACHT (8) MAANDEN.