Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:HR:2026:705

Hoge Raad

Datum uitspraak
17 april 2026
Publicatiedatum
17 april 2026
Zaaknummer
25/01716
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Artikel 80a RO-zaken
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 80a Wet op de rechterlijke organisatie
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad verklaart cassatieberoep niet-ontvankelijk in belastingzaak

Belanghebbende heeft beroep in cassatie ingesteld tegen de uitspraak van de Rechtbank Den Haag inzake verzet tegen een eerdere uitspraak. De Hoge Raad heeft het beroep inhoudelijk beoordeeld en geoordeeld dat het cassatieberoep duidelijk niet kan slagen.

Op advies van de procureur-generaal heeft de Hoge Raad besloten het beroep zonder verdere motivering niet-ontvankelijk te verklaren op grond van artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie. Er is geen aanleiding gezien om proceskosten toe te wijzen.

Het arrest is gewezen door de raadsheren M.T. Boerlage (voorzitter), A.E.H. van der Voort Maarschalk en W.A.P. van Roij en in het openbaar uitgesproken op 17 april 2026.

Uitkomst: Het cassatieberoep is niet-ontvankelijk verklaard met toepassing van artikel 80a RO.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
BELASTINGKAMER
Nummer25/01716
Datum17 april 2026
ARREST
in de zaak van
[X] (hierna: belanghebbende)
tegen
de STAATSSECRETARIS VAN FINANCIËN,
vertegenwoordigd door [P],
op het beroep in cassatie tegen de uitspraak van de Rechtbank Den Haag van 28 maart 2025, nrs. SGR 24/7670 V en 24/7671 V, op het verzet van belanghebbende tegen de uitspraak van de Rechtbank van 17 december 2024.

1.Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep in cassatie

De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van de Rechtbank op het verzet beoordeeld. De procureur-generaal bij de Hoge Raad heeft de gelegenheid gekregen een advies uit te brengen. De Hoge Raad is tot het oordeel gekomen dat het cassatieberoep duidelijk niet kan slagen. Hij zal daarom gebruikmaken van de mogelijkheid om het beroep zonder verdere motivering niet-ontvankelijk te verklaren (zie artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie).

2.Proceskosten

De Hoge Raad ziet geen aanleiding voor een veroordeling in de proceskosten.

3.Beslissing

De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet-ontvankelijk.
Dit arrest is gewezen door de raadsheer M.T. Boerlage als voorzitter, en de raadsheren A.E.H. van der Voort Maarschalk en W.A.P. van Roij, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier J.P.J. van Kampen, en in het openbaar uitgesproken op 17 april 2026.