Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:HR:2026:508

Hoge Raad

Datum uitspraak
27 maart 2026
Publicatiedatum
26 maart 2026
Zaaknummer
25/01327
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 lid 1 RO
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad verwerpt cassatieberoep inzake schadevergoeding op grond van AVL 1995

Jonkergouw B.V. vordert schadevergoeding van Gasunie Transport Services B.V. op grond van de Algemene Voorwaarden betreffende aanleg en instandhouding van leidingen (AVL 1995). De kern van het geschil betreft de vraag of ook schade van een zustervennootschap vergoed moet worden, mede in het licht van de Belemmeringenwet Privaatrecht (oud) en het vereenzelvigingstheorie.

De zaak heeft een lange proceduregeschiedenis met meerdere vonnissen van de rechtbank Noord-Nederland en een arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden. Jonkergouw stelde beroep in cassatie in tegen het arrest van het hof, terwijl Gasunie verweer voerde tot verwerping.

De Advocaat-Generaal adviseerde het cassatieberoep te verwerpen. De Hoge Raad heeft de klachten van Jonkergouw beoordeeld en geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van het arrest. De Hoge Raad motiveert dit niet nader omdat beantwoording van de vragen niet noodzakelijk is voor de eenheid of ontwikkeling van het recht.

De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en veroordeelt Jonkergouw in de kosten van het geding in cassatie, begroot op €17.016 aan verschotten en €2.200 aan salaris, vermeerderd met wettelijke rente bij niet tijdige betaling.

Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt het arrest van het gerechtshof.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer25/01327
Datum27 maart 2026
ARREST
In de zaak van
[eiseres] B.V.,
gevestigd te [vestigingsplaats],
EISERES tot cassatie,
hierna: Jonkergouw,
advocaten: P.A. Fruytier en J.P. Jas,
tegen
GASUNIE TRANSPORT SERVICES B.V.,
gevestigd te Groningen,
VERWEERSTER in cassatie,
hierna: Gasunie,
advocaat: J.A.M.A. Sluysmans.

1.Procesverloop

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
a. de vonnissen in de zaak C/18/191441/ HA ZA 19-71 van de rechtbank Noord-Nederland van 4 september 2019, 10 februari 2021, 21 april 2021, 24 augustus 2022 en 15 februari 2023;
b. het arrest in de zaak 200.330.840/01 van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 14 januari 2025.
Jonkergouw heeft tegen het arrest van het hof beroep in cassatie ingesteld.
Gasunie heeft een verweerschrift tot verwerping ingediend.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.
De conclusie van de Advocaat-Generaal B.J. Drijber strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaten van Jonkergouw hebben schriftelijk op die conclusie gereageerd.

2.Beoordeling van het middel

De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie).

3.Beslissing

De Hoge Raad:
- verwerpt het beroep;
- veroordeelt Jonkergouw in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Gasunie begroot op € 17.016,-- aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris, vermeerderd met de wettelijke rente over deze kosten indien Jonkergouw deze niet binnen veertien dagen na heden heeft voldaan.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren F.R. Salomons, als voorzitter, G.C. Makkink en K. Teuben, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer A.E.B. ter Heide op
27 maart 2026.