Uitspraak
1.Procesverloop
De advocaat van ZekerOk heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.
2.Uitgangspunten en feiten
3.Beoordeling van het middel
4.Beslissing
27 februari 2026.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Hoge Raad
ZekerOk, opgericht in februari 2021, stelt een huurovereenkomst te hebben met [betrokkene 1] over een boerderij die executoriaal is verkocht aan Den Reast. Den Reast vordert ontruiming en stelt dat zij niet gebonden is aan de vermeende huurovereenkomst omdat deze een papieren constructie is.
De kantonrechter en het hof wijzen de vorderingen van ZekerOk af en bevestigen dat de huurovereenkomst feitelijk niet bestaat. Het hof oordeelt dat de bewijslast voor het bestaan van de huurovereenkomst bij ZekerOk ligt en dat het bewijsaanbod onvoldoende concreet is.
In cassatie klaagt ZekerOk over de bewijslastverdeling, stellende dat Den Reast de bewijslast draagt voor de schijnconstructie. De Hoge Raad oordeelt dat het hof terecht heeft geoordeeld dat ZekerOk de bewijslast draagt voor het bestaan van de huurovereenkomst en verwerpt het cassatieberoep.
De Hoge Raad veroordeelt ZekerOk tevens in de kosten van het geding. Het arrest bevestigt de strikte eisen aan bewijs bij betwisting van het bestaan van een huurovereenkomst in een executoriale verkoopcontext.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt dat ZekerOk de bewijslast draagt voor het bestaan van de huurovereenkomst, die een schijnconstructie is.