ECLI:NL:HR:2025:92

Hoge Raad

Datum uitspraak
17 januari 2025
Publicatiedatum
17 januari 2025
Zaaknummer
24/00277
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 lid 1 RO
Verwijzingen
4 uitgaand · 2 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad verwerpt cassatieberoep inzake betaling facturen drukwerk

Eye Catchers B.V. vordert betaling van facturen inzake drukwerk tegen de curator in het faillissement van Schefferdrukkerij B.V. De curator voert verweer dat een andere vennootschap de wederpartij is. Het geschil is in eerste aanleg en hoger beroep behandeld, waarbij het hof Amsterdam op 31 oktober 2023 een arrest heeft gewezen.

Eye Catchers stelt dat het hof het Haviltex-criterium heeft miskend, maar de Hoge Raad oordeelt dat de klachten niet leiden tot vernietiging van het arrest. De Hoge Raad ziet geen noodzaak tot motivering omdat het oordeel niet van belang is voor de rechtsontwikkeling of eenheid van het recht, conform artikel 81 lid 1 RO Pro.

De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en veroordeelt Eye Catchers in de kosten van het geding in cassatie, begroot op € 873 aan verschotten en € 2.200 aan salaris, vermeerderd met wettelijke rente indien niet tijdig voldaan. Het arrest is gewezen door raadsheren Tanja-van den Broek, ter Heide en Teuben en in het openbaar uitgesproken door ter Heide.

Uitkomst: Het cassatieberoep van Eye Catchers wordt verworpen en zij wordt veroordeeld in de proceskosten.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer24/00277
Datum17 januari 2025
ARREST
In de zaak van
EYE CATCHERS B.V.,
gevestigd te Rotterdam,
EISERES tot cassatie,
hierna: Eye Catchers,
advocaat: M.J. van Basten Batenburg,
tegen
Pieter Guillaume GILHUIS, in de hoedanigheid van curator in het faillissement van SCHEFFERDRUKKERIJ B.V.,
kantoorhoudende te Dordrecht,
VERWEERDER in cassatie,
hierna: de curator,
advocaat: P.A. Fruytier.

1.Procesverloop

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
a. de vonnissen in de zaak C/15/303700 / HA ZA 20-361 van de rechtbank Noord-Holland van 11 november 2020, 4 augustus 2021 en 24 november 2021;
b. het arrest in de zaak 200.308.599/01 van het gerechtshof Amsterdam van 31 oktober 2023.
Eye Catchers heeft tegen het arrest van het hof beroep in cassatie ingesteld.
De curator heeft een verweerschrift tot verwerping ingediend.
De zaak is voor de curator toegelicht door zijn advocaat en mede door J.P. Jas.
De conclusie van de Advocaat-Generaal B.F. Assink strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van Eye Catchers heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.

2.Beoordeling van het middel

De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie).

3.Beslissing

De Hoge Raad:
- verwerpt het beroep;
- veroordeelt Eye Catchers in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de curator begroot op € 873,-- aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris, vermeerderd met de wettelijke rente over deze kosten indien Eye Catchers deze niet binnen veertien dagen na heden heeft voldaan.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren T.H. Tanja-van den Broek, als voorzitter, A.E.B. ter Heide en K. Teuben, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer A.E.B. ter Heide op
17 januari 2025.