ECLI:NL:HR:2025:1976
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie niet-ontvankelijk wegens niet-betaling griffierecht
Bartels Consultancy B.V. stelde beroep in cassatie in tegen een uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 8 juli 2025. De griffier van de Hoge Raad wees Bartels op 5 september 2025 bij aangetekende brief op de verschuldigdheid van het griffierecht en stelde een betalingstermijn van vier weken. Hoewel de brief volgens Track&Trace is ontvangen, werd het griffierecht niet voldaan.
Op 6 oktober 2025 ontving Bartels een tweede aangetekende brief waarin zij werd verzocht te verklaren waarom het griffierecht niet was betaald. Ook deze brief werd volgens Track&Trace ontvangen, maar Bartels maakte geen gebruik van deze gelegenheid.
Gelet op artikel 8:41, lid 6, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) verklaarde de Hoge Raad het beroep in cassatie niet-ontvankelijk. De Hoge Raad zag geen aanleiding om Bartels te veroordelen in de proceskosten. Het arrest werd op 19 december 2025 in het openbaar uitgesproken door de vice-president en raadsheren van de Hoge Raad.
Uitkomst: Het beroep in cassatie van Bartels Consultancy B.V. is niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-betaling van het griffierecht.