ECLI:NL:HR:2025:1952

Hoge Raad

Datum uitspraak
19 december 2025
Publicatiedatum
18 december 2025
Zaaknummer
25/01879
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 lid 1 ROArt. 4:194a lid 1 BWArt. 4:145 BWArt. 3:60 lid 2 BWArt. 3:66 lid 1 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verzoek tot machtiging beneficiaire aanvaarding nalatenschap afgewezen door Hoge Raad

In deze zaak hebben de erfgenamen cassatieberoep ingesteld tegen beschikkingen van het gerechtshof 's-Hertogenbosch die betrekking hadden op een verzoek om machtiging tot beneficiaire aanvaarding van een nalatenschap. De kwestie betrof onder meer de toerekening van kennis aan de executeur van de nalatenschap.

De procedure begon bij de rechtbank Zeeland-West-Brabant met een beschikking op 26 juli 2023, waarna het gerechtshof op 25 april 2024 en 20 februari 2025 beschikkingen gaf. De erfgenamen waren de verzoekers tot cassatie, terwijl de verweerster en de executeur niet verschenen en geen verweerschrift indienden.

De Advocaat-Generaal adviseerde tot verwerping van het cassatieberoep, waarop de advocaat van de erfgenamen schriftelijk reageerde. De Hoge Raad heeft de klachten van de erfgenamen beoordeeld maar geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van de hofbeschikkingen. De Hoge Raad motiveert dit niet uitvoerig omdat het geen vragen betreft die van belang zijn voor de eenheid of ontwikkeling van het recht.

De Hoge Raad heeft het beroep van de erfgenamen verworpen en de beschikking op 19 december 2025 in het openbaar uitgesproken door raadsheer A.E.B. ter Heide. Hiermee blijft de beslissing van het hof in stand.

Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt de beslissingen van het hof over het verzoek tot machtiging beneficiaire aanvaarding.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer25/01879
Datum19 december 2025
BESCHIKKING
In de zaak van
1. [verzoeker 1],
wonende te [plaats], Zwitserland,
2. [verzoekster 2],
wonende te [plaats], Zwitserland,
3. [verzoeker 3],
wonende te [plaats], Verenigde Arabische Emiraten,
4. [verzoekster 4],
wonende te [plaats],
5. [verzoeker 5],
wonende te [plaats],
6. [verzoeker 6],
wonende te [plaats],
7. [verzoeker 7],
wonende te [plaats],
8. [verzoeker 8],
wonende te [plaats],
VERZOEKERS tot cassatie,
hierna gezamenlijk: [de erven],
advocaat: A.C. de Bakker,
tegen
1. [verweerster],
wonende te [plaats], Italië,
VERWEERSTER in cassatie,
hierna: [verweerster],
niet verschenen,
2. [executeur 1], in zijn hoedanigheid van executeur van de nalatenschap van [erflaatster],
wonende te [plaats],
BELANGHEBBENDE in cassatie,
hierna: [executeur 1],
niet verschenen.

1.Procesverloop

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
a. de beschikking in de zaak 10082214 OV VERZ 22-5510 van de rechtbank Zeeland-West-Brabant van 26 juli 2023;
b. de beschikkingen in de zaak 200.333.776/01 van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 25 april 2024 en 20 februari 2025.
[de erven] hebben tegen de beschikkingen van het hof beroep in cassatie ingesteld.
[verweerster] en [executeur 1] hebben geen verweerschrift ingediend.
De conclusie van de Advocaat-Generaal S.E. Bartels strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van [de erven] heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.

2.Beoordeling van het middel

De Hoge Raad heeft de klachten over de beschikkingen van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die beschikkingen. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie).

3.Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Deze beschikking is gegeven door de vicepresident M.J. Kroeze als voorzitter en de raadsheren C.E. du Perron, S.J. Schaafsma, F.R. Salomons en K. Teuben, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer A.E.B. ter Heide op
19 december 2025.