Uitspraak
1.Procesverloop in cassatie
2.Beoordeling van het cassatiemiddel
3.Ambtshalve beoordeling van de uitspraak van het hof
4.Beslissing
7 oktober 2025.
Hoge Raad
De zaak betreft het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof 's-Hertogenbosch inzake medeplegen van invoer van bijna 19 kilo cocaïne en voorbereidingshandelingen daartoe. De verdachte was in eerste aanleg vrijgesproken, maar het hof sprak hem later wel schuldig uit op basis van verklaringen van twee medeverdachten.
De verdediging klaagde in cassatie over de betrouwbaarheid van deze verklaringen en het gebrek aan motivering door het hof bij het afwijzen van dit verweer. De Hoge Raad oordeelde dat het hof de verklaringen kritisch en met de nodige behoedzaamheid had beoordeeld en voldoende gemotiveerd had waarom deze betrouwbaar en geloofwaardig waren.
Daarnaast stelde de advocaat-generaal voor om de opgelegde gevangenisstraf te verminderen vanwege overschrijding van de redelijke termijn. De Hoge Raad volgde dit advies, vernietigde de strafoplegging slechts voor wat betreft de strafduur en verminderde de gevangenisstraf van 42 naar 40 maanden. Het beroep werd voor het overige verworpen.
Uitkomst: De gevangenisstraf voor medeplegen invoer cocaïne is verminderd van 42 naar 40 maanden, beroep voor het overige verworpen.