Uitspraak
1.Procesverloop in cassatie
2.Beoordeling van het cassatiemiddel
3.Beslissing
30 september 2025.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Hoge Raad
De Hoge Raad heeft op 30 september 2025 het arrest van het gerechtshof Den Haag van 10 april 2024 vernietigd in een strafzaak tegen de verdachte wegens medeplegen van lokaalvredebreuk in de hal van het ministerie van Economische Zaken tijdens een demonstratie.
De verdachte had in cassatie aangevoerd dat de strafvervolging onverenigbaar was met de artikelen 10 en 11 van het Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden (EVRM), die respectievelijk de vrijheid van meningsuiting en vergadering waarborgen. Dit verweer werd door het hof verworpen, maar de Hoge Raad oordeelde anders en sloot zich aan bij de overwegingen in een gelijktijdig arrest (ECLI:NL:HR:2025:1313).
De Hoge Raad vernietigde het arrest van het hof en verwees de zaak terug naar het gerechtshof Den Haag voor een nieuwe behandeling en beslissing, waarbij rekening moet worden gehouden met de EVRM-rechten van de verdachte. De uitspraak werd gedaan door een kamer onder leiding van vice-president M.J. Borgers en raadsheren A.L.J. van Strien, M. Kuijer, F. Posthumus en R. Kuiper.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde beoordeling vanwege onverenigbaarheid van de strafvervolging met artikel 10 en 11 EVRM.