ECLI:NL:HR:2025:1414

Hoge Raad

Datum uitspraak
26 september 2025
Publicatiedatum
26 september 2025
Zaaknummer
25/01143
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Artikel 80a RO-zaken
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 80a RO
Verwijzingen
2 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad verklaart beroep in cassatie niet-ontvankelijk in zaak over WOZ-beschikkingen en OZB

Belanghebbende heeft beroep in cassatie ingesteld tegen het arrest van het Gerechtshof Den Haag van 5 maart 2025, waarin het hof het hoger beroep van belanghebbende tegen uitspraken van de Rechtbank Rotterdam inzake WOZ-beschikkingen en aanslagen onroerendezaakbelastingen (OZB) voor de jaren 2020 en 2021 heeft behandeld.

De Hoge Raad heeft de ontvankelijkheid van het cassatieberoep getoetst en de klachten van belanghebbende beoordeeld. Na advies van de procureur-generaal is geoordeeld dat het cassatieberoep duidelijk niet kan slagen. Daarom is het beroep zonder verdere inhoudelijke motivering niet-ontvankelijk verklaard op grond van artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie.

De Hoge Raad heeft geen aanleiding gezien om belanghebbende te veroordelen in de proceskosten. Het arrest is gewezen door de vice-president en twee raadsheren en in het openbaar uitgesproken op 26 september 2025.

Uitkomst: Het beroep in cassatie is niet-ontvankelijk verklaard zonder verdere motivering.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
BELASTINGKAMER
Nummer25/01143
Datum26 september 2025
ARREST
in de zaak van
[X] (hierna: belanghebbende)
tegen
het COLLEGE VAN BURGEMEESTER EN WETHOUDERS VAN DE GEMEENTE ROTTERDAM
op het beroep in cassatie tegen de uitspraak van het Gerechtshof Den Haag van 5 maart 2025, nrs. BK-24/364 tot en met BK-24/368 [1] , op het hoger beroep van belanghebbende tegen een uitspraak van de Rechtbank Rotterdam (nrs. ROT 22/341 tot en met ROT 22/345) betreffende ten aanzien van belanghebbende gegeven beschikkingen op grond van de Wet waardering onroerende zaken en aanslagen in de onroerendezaakbelastingen voor de jaren 2020 en 2021.

1.Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep in cassatie

De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het Hof beoordeeld. De procureur-generaal bij de Hoge Raad heeft de gelegenheid gekregen een advies uit te brengen.
De Hoge Raad is tot het oordeel gekomen dat het cassatieberoep duidelijk niet kan slagen. Hij zal daarom gebruikmaken van de mogelijkheid om het beroep zonder verdere motivering niet-ontvankelijk te verklaren (zie artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie).

2.Proceskosten

De Hoge Raad ziet geen aanleiding voor een veroordeling in de proceskosten.

3.Beslissing

De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet-ontvankelijk.
Dit arrest is gewezen door de vice-president J.A.R. van Eijsden als voorzitter, en de raadsheren M.T. Boerlage en A.E.H. van der Voort Maarschalk, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier J.P.J. van Kampen, en in het openbaar uitgesproken op 26 september 2025.