Uitspraak
1.Procesverloop in cassatie
2.Beoordeling van de cassatiemiddelen
3.Beslissing
9 mei 2023.
Hoge Raad
De betrokkene was in hoger beroep veroordeeld tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel uit wapenhandel. In cassatie stelde hij dat het hof onvoldoende had gemotiveerd waarom kosten gerelateerd aan de wapenhandel niet in aanmerking waren genomen en dat het hof onterecht volstond met een constatering van overschrijding van de redelijke termijn in hoger beroep.
De Hoge Raad heeft deze klachten beoordeeld en geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van het arrest van het hof. Daarbij was het niet noodzakelijk om inhoudelijk in te gaan op de vragen, omdat deze niet van belang waren voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, conform artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie.
Het cassatieberoep is derhalve verworpen. Het arrest is gewezen door de vice-president en twee raadsheren en uitgesproken in een openbare terechtzitting op 9 mei 2023.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en het arrest van het hof blijft in stand.