ECLI:NL:HR:2023:584
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt uitspraak over aanslag inkomstenbelasting en heffingsrente 2011
Belanghebbende heeft beroep in cassatie ingesteld tegen het arrest van het Gerechtshof Amsterdam waarin het hoger beroep tegen een uitspraak van de Rechtbank Noord-Holland werd behandeld. Het geschil betreft de aanslag inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen over het jaar 2011 en de daarbij gegeven beschikking inzake heffingsrente.
De Hoge Raad heeft de ingediende klachten beoordeeld en geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van het hofarrest. Gezien het ontbreken van vragen die van belang zijn voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, is geen nadere motivering vereist volgens artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie.
De Hoge Raad heeft geen aanleiding gezien om proceskosten toe te wijzen en verklaart het beroep in cassatie ongegrond. Hiermee wordt het oordeel van het hof bekrachtigd en blijft de aanslag en heffingsrente ongewijzigd van kracht.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt ongegrond verklaard en het arrest van het Gerechtshof Amsterdam wordt bekrachtigd.