ECLI:NL:HR:2023:195

Hoge Raad

Datum uitspraak
10 februari 2023
Publicatiedatum
9 februari 2023
Zaaknummer
21/02666
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 lid 1 ROArt. 438 RvArt. 611g Rv
Verwijzingen
5 uitgaand · 2 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad verwerpt cassatieberoep in executiegeschil over dwangsommen

In deze zaak hebben eOx International B.V. en Cool Cleaning Licency B.V. (gezamenlijk eOx c.s.) cassatieberoep ingesteld tegen een arrest van het gerechtshof Den Haag. Het geschil betreft de executie van dwangsommen en de schorsing van de verjaring daarvan, waarbij tevens de overtreding van een gebod centraal stond.

De Hoge Raad verwijst voor het geding in de feitelijke instanties naar het vonnis van de rechtbank Den Haag van 28 augustus 2018 en het arrest van het gerechtshof Den Haag van 4 mei 2021. De advocaat-generaal heeft geconcludeerd tot verwerping van het cassatieberoep.

De Hoge Raad heeft de klachten van eOx c.s. beoordeeld en geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van het arrest van het hof. Daarbij is geen nadere motivering vereist omdat de klachten geen vragen betreffen die van belang zijn voor de eenheid of ontwikkeling van het recht. De Hoge Raad wijst het beroep af en veroordeelt eOx c.s. in de proceskosten.

Uitkomst: Het cassatieberoep van eOx c.s. wordt verworpen en zij worden veroordeeld in de proceskosten.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer21/02666
Datum10 februari 2023
ARREST
In de zaak van
1. EOX INTERNATIONAL B.V.,
gevestigd te Den Haag,
2. COOL CLEANING LICENCY B.V.,
gevestigd te Budel,
EISERESSEN tot cassatie,
hierna gezamenlijk: eOx c.s.,
advocaat: V. Rorsch,
tegen
BVBA [eiseres],
gevestigd te [vestigingsplaats] , België,
VERWEERSTER in cassatie,
hierna: ATSSE,
advocaat: A.H. Vermeulen.

1.Procesverloop

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
a. het vonnis in de zaak C/09/554338 / KG ZA 18-570 van de rechtbank Den Haag van 28 augustus 2018;
b. het arrest in de zaak 200.246.932/01 van het gerechtshof Den Haag van 4 mei 2021.
eOx c.s. hebben tegen het arrest van het hof beroep in cassatie ingesteld.
ATSSE heeft een verweerschrift tot verwerping ingediend.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.
De conclusie van de Advocaat-Generaal R.H. de Bock strekt tot verwerping van het cassatieberoep.

2.Beoordeling van het middel

De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie).

3.Beslissing

De Hoge Raad:
- verwerpt het beroep;
- veroordeelt eOx c.s. in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van ATSSE begroot op € 845,-- aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de vicepresident M.J. Kroeze als voorzitter en de raadsheren C.E. du Perron, C.H. Sieburgh, H.M. Wattendorff en A.E.B. ter Heide, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer F.J.P. Lock op
10 februari 2023.