Uitspraak
1.Procesverloop
2.Beoordeling van het middel
3.Beslissing
17 november 2023.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Hoge Raad
In deze zaak staat het beheer van op een derdengeldrekening overgemaakte gelden centraal, die na een schikking ten behoeve van gedupeerde beleggers aan de verweerder in cassatie toekomen. De eiser, een advocaat, stelde beroep in cassatie in tegen het arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 11 oktober 2022, waarin het hof het beheer van deze gelden en de toewijzing van het restant aan de stichting bevestigde.
De stichting, als verweerder in cassatie, is niet verschenen. De Advocaat-Generaal heeft geadviseerd het cassatieberoep te verwerpen. De Hoge Raad heeft de klachten van de eiser beoordeeld maar oordeelde dat deze niet leiden tot vernietiging van het arrest van het hof. Daarbij was het niet noodzakelijk om inhoudelijk op de vragen in te gaan, omdat deze niet van belang zijn voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, conform artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie.
De Hoge Raad heeft het beroep verworpen en de eiser veroordeeld in de kosten van het geding in cassatie, die aan de zijde van de stichting nihil zijn begroot. Het arrest is gewezen door de raadsheren C.E. du Perron (voorzitter), S.J. Schaafsma en G.C. Makkink en in het openbaar uitgesproken door F.J.P. Lock op 17 november 2023.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de eiser wordt veroordeeld in de proceskosten.