ECLI:NL:HR:2022:430
Hoge Raad
- Artikel 80a RO-zaken
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart verzoek om herziening niet-ontvankelijk met toepassing van art. 80a RO
De Hoge Raad heeft het verzoek om herziening van het arrest van 9 april 2021 beoordeeld. Na advies van de procureur-generaal is geconcludeerd dat het verzoek om herziening geen kans van slagen heeft. Daarom is het verzoek zonder verdere motivering niet-ontvankelijk verklaard op basis van artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie.
De Hoge Raad heeft geen aanleiding gezien om een veroordeling in proceskosten op te leggen. Het arrest is in het openbaar uitgesproken door de vice-president als voorzitter en twee raadsheren, in aanwezigheid van de waarnemend griffier.
Deze uitspraak bevestigt de strikte toepassing van artikel 80a RO bij verzoeken om herziening die evident kansloos zijn, waarmee de Hoge Raad de rechtszekerheid en efficiëntie van het proces waarborgt.
Uitkomst: Het verzoek om herziening is niet-ontvankelijk verklaard met toepassing van artikel 80a RO.