ECLI:NL:HR:2022:323
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie ongegrond in belastingrechtelijke proceskostenzaak
Belanghebbende heeft beroep in cassatie ingesteld tegen een uitspraak van de Rechtbank Den Haag inzake een verzet tegen een eerdere uitspraak over een verzoek tot veroordeling in proceskosten. De Hoge Raad heeft de aangevoerde klachten beoordeeld maar geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van de bestreden uitspraak.
De Hoge Raad achtte het niet noodzakelijk om de klachten inhoudelijk te motiveren omdat de vragen niet van belang zijn voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, conform artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie. Tevens zag de Hoge Raad geen aanleiding om belanghebbende te veroordelen in de proceskosten.
Daarmee werd het beroep in cassatie ongegrond verklaard. Het arrest is op 25 februari 2022 door de Hoge Raad uitgesproken in aanwezigheid van de raadsheren en de waarnemend griffier.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt ongegrond verklaard en er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.