ECLI:NL:HR:2022:1761

Hoge Raad

Datum uitspraak
29 november 2022
Publicatiedatum
25 november 2022
Zaaknummer
21/00947
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 287 SrArt. 350 lid 1 SrArt. 81 lid 1 RO
Verwijzingen
6 uitgaand · 2 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad verwerpt cassatie in zaak poging doodslag en beschadiging hek

De zaak betreft een cassatieberoep tegen een arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden over poging tot doodslag op de eigenaar van een bedrijventerrein en beschadiging van een hek dat het terrein afsloot om verdachte de toegang te ontzeggen.

De verdachte stelde in cassatie onder meer dat sprake was van noodweerexces en betwistte de uitleg en bewijsvoering omtrent het wederrechtelijk karakter van de beschadiging van het hek. De advocaat-generaal adviseerde het beroep te verwerpen.

De Hoge Raad oordeelde dat de klachten van de verdachte niet konden leiden tot vernietiging van het hofarrest en dat het niet nodig was om nadere motivering te geven, omdat de vragen niet van belang waren voor de eenheid of ontwikkeling van het recht.

Het arrest werd gewezen door de vice-president en twee raadsheren, en het beroep werd verworpen, waarmee het hofarrest in stand bleef.

Uitkomst: Het cassatieberoep van verdachte is verworpen, waardoor het hofarrest met veroordeling voor poging tot doodslag en beschadiging van het hek in stand blijft.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer21/00947
Datum29 november 2022
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 2 maart 2021, nummer 21-003214-20, in de strafzaak
tegen
[verdachte] ,
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1970,
hierna: de verdachte.

1.Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft J. Boksem, advocaat te Leeuwarden, bij schriftuur cassatiemiddelen voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De advocaat-generaal B.F. Keulen heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2.Beoordeling van de cassatiemiddelen

De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie).

3.Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren J.C.A.M. Claassens en M. Kuijer, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
29 november 2022.