ECLI:NL:HR:2022:1288
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep in cassatie wegens niet-betaling griffierecht in belastingzaak
Belanghebbende heeft beroep in cassatie ingesteld tegen de aanslagen inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen over de jaren 2007 tot en met 2020. De griffier van de Hoge Raad heeft belanghebbende bij aangetekende brief gewezen op de verplichting tot betaling van griffierecht en een termijn van vier weken gesteld. Ondanks ontvangst van deze brief is het griffierecht niet voldaan.
Vervolgens heeft de griffier op 1 juni 2022 een bericht in het digitale dossier geplaatst met de mogelijkheid voor belanghebbende om een verklaring te geven voor het niet betalen van het griffierecht. Ook hiervan is belanghebbende op de hoogte gesteld via e-mail. Belanghebbende heeft geen gebruik gemaakt van deze gelegenheid.
Op grond van artikel 8:41, lid 6, Awb is het beroep in cassatie daarom niet-ontvankelijk verklaard. De Hoge Raad ziet geen aanleiding om proceskosten toe te wijzen. Het arrest is uitgesproken door de vice-president en raadsheren op 23 september 2022.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-betaling van het griffierecht.