Uitspraak
1.Procesverloop in cassatie
2.Beoordeling van het eerste cassatiemiddel
3.Beoordeling van het tweede cassatiemiddel
4.Beslissing
29 juni 2021.
Hoge Raad
In deze cassatieprocedure betrof het een strafzaak over overtreding van artikel 2.1 van de Leerplichtwet 1969, waarbij de verdachte zich beriep op een vrijstelling op grond van artikel 5 onder Pro b van de Leerplichtwet vanwege zijn traditionele katholieke geloofsovertuiging.
Het hof Arnhem-Leeuwarden had het beroep van de verdachte op deze vrijstelling afgewezen, wat leidde tot een veroordeling. De verdachte stelde cassatie in tegen deze beslissing en voerde aan dat het hof ten onrechte het beroep op de vrijstelling niet rechtsgeldig had erkend.
De Hoge Raad oordeelde dat het cassatiemiddel slaagt en verwees daarbij naar een gelijktijdig arrest (HR:2021:843) waarin de motivering voor deze beslissing is opgenomen. De Hoge Raad vernietigde het arrest van het hof voor zover het betrekking had op het onder 1 bewezenverklaarde feit en de strafoplegging, en verwees de zaak terug naar het hof voor hernieuwde behandeling.
De overige klachten van de verdachte werden verworpen zonder nadere motivering, omdat deze niet van belang waren voor de eenheid of ontwikkeling van het recht. Het arrest werd uitgesproken door de vice-president en twee raadsheren op 29 juni 2021.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde beoordeling van het beroep op vrijstelling onder de Leerplichtwet.