ECLI:NL:HR:2021:1898
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie ongegrond in loonheffingzaak
Belanghebbende stelde beroep in cassatie in tegen een uitspraak van de Rechtbank Zeeland-West-Brabant betreffende het verzet tegen een uitspraak over ingehouden loonheffing in de maanden november en december 2018.
De Hoge Raad heeft de ingediende middelen beoordeeld maar geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van de uitspraak van de rechtbank. Er was geen noodzaak om de motivering van dit oordeel te geven omdat de vragen niet relevant waren voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, conform artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie.
De Hoge Raad zag geen aanleiding om proceskosten toe te wijzen en verklaarde het beroep in cassatie ongegrond. Het arrest werd gewezen door de raadsheren Wortel, Beukers-van Dooren en Cools op 17 december 2021.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank blijft in stand.