ECLI:NL:HR:2020:811
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie ongegrond in zaak leges gemeente Bergeijk
Belanghebbende heeft beroep in cassatie ingesteld tegen een uitspraak van het Gerechtshof 's-Hertogenbosch betreffende aan hem in rekening gebrachte leges door de gemeente Bergeijk. Het geschil betrof de rechtmatigheid van deze leges en de wijze waarop deze waren opgelegd.
De Hoge Raad heeft de klachten van belanghebbende beoordeeld maar geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van het hofarrest. Daarbij heeft de Hoge Raad geen inhoudelijke motivering gegeven omdat beantwoording van de klachten niet noodzakelijk was voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, conform artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie.
Verder heeft de Hoge Raad geen aanleiding gezien om proceskosten toe te wijzen. De uitspraak is gedaan door de raadsheren Wortel, Beukers-van Dooren en Cools op 1 mei 2020.
Het arrest bevestigt de uitspraak van het hof en daarmee de rechtmatigheid van de leges zoals opgelegd door het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Bergeijk.
Uitkomst: Het beroep in cassatie is ongegrond verklaard en het arrest van het hof blijft in stand.