ECLI:NL:HR:2020:7

Hoge Raad

Datum uitspraak
7 januari 2020
Publicatiedatum
7 januari 2020
Zaaknummer
18/05409
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 302 SrArt. 45 SrArt. 81 RO
Verwijzingen
6 uitgaand · 2 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad verwerpt cassatie in poging zware mishandeling in het verkeer

In deze zaak stond de poging tot zware mishandeling in het verkeer centraal, waarbij de verdachte met aanmerkelijke snelheid op een verkeersregelaar inreed, die op de motorkap belandde en een stuk werd meegevoerd. Het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden had de verdachte hiervoor veroordeeld. De verdachte stelde cassatie in tegen dit arrest, met name gericht op de bewijsklachten omtrent het voorwaardelijk opzet op het toebrengen van zwaar lichamelijk letsel.

De Hoge Raad heeft het cassatieberoep beoordeeld en geoordeeld dat het middel niet tot cassatie kan leiden. Er was geen noodzaak tot nadere motivering aangezien het middel geen rechtsvragen opriep die van belang zijn voor de rechtseenheid of rechtsontwikkeling. De conclusie van de Advocaat-Generaal was eveneens tot verwerping van het beroep.

Het arrest bevestigt daarmee de eerdere uitspraak van het Hof en benadrukt het belang van de algemene ervaringsregels die het Hof hanteerde bij de bewijswaardering van het voorwaardelijk opzet. De Hoge Raad sprak het arrest uit tijdens een openbare terechtzitting op 7 januari 2020.

Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt de veroordeling voor poging tot zware mishandeling in het verkeer.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer18/05409
Datum7 januari 2020
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Arnhem, van 13 december 2018, nummer 21/001126-18, in de strafzaak
tegen
[verdachte] ,
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1957,
hierna: de verdachte.

1.Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft J. Boksem, advocaat te Leeuwarden, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal B.F. Keulen heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2.Beoordeling van het middel

Het middel kan niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu het middel niet noopt tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3.Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren V. van den Brink en A.E.M. Röttgering, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
7 januari 2020.