ECLI:NL:HR:2020:518
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie niet-ontvankelijk wegens niet-betaling griffierecht
Belanghebbende, woonachtig in België, had beroep in cassatie ingesteld tegen een uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden over een aanslag inkomstenbelasting, boete en heffingsrente voor het jaar 2010.
De Hoge Raad stelde vast dat belanghebbende geen domicilieadres in Nederland had gekozen en dat het griffierecht niet was betaald ondanks aanmaningen. Na melding van het overlijden van belanghebbende op 31 december 2019, werd de erfgename in de gelegenheid gesteld de procedure voort te zetten, maar hierop werd niet gereageerd.
Daarom verklaarde de Hoge Raad het beroep in cassatie niet-ontvankelijk op grond van artikel 8:41, lid 6, Awb. De Hoge Raad zag geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-betaling van het griffierecht en het uitblijven van reactie van de erfgenamen.