ECLI:NL:HR:2020:1981
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt informatiebeschikking Staatssecretaris van Financiën
Belanghebbende heeft in cassatie beroep ingesteld tegen een uitspraak van het Gerechtshof Den Haag die een informatiebeschikking van de Staatssecretaris van Financiën betrof. De Hoge Raad heeft de ingediende middelen beoordeeld maar vond geen aanleiding om het hofarrest te vernietigen. De Hoge Raad motiveert dit oordeel niet, omdat de zaak geen vragen van belang voor de eenheid of ontwikkeling van het recht bevat.
De procedurekosten worden niet aan belanghebbende opgelegd. De Hoge Raad stelt belanghebbende een termijn van vier weken om alsnog aan de informatiebeschikking te voldoen, gerekend vanaf de datum van het arrest. De uitspraak werd gedaan door de vice-president en twee raadsheren van de Hoge Raad, in aanwezigheid van de griffier, en in het openbaar uitgesproken op 11 december 2020.
Deze uitspraak bevestigt de rechtsgeldigheid van de informatiebeschikking en benadrukt het belang van naleving daarvan binnen de gestelde termijn. De zaak betreft bestuursrechtelijke en belastingrechtelijke aspecten rondom de bevoegdheid van de fiscus tot het vorderen van informatie.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt ongegrond verklaard en belanghebbende krijgt vier weken om aan de informatiebeschikking te voldoen.