ECLI:NL:HR:2020:1878
Hoge Raad
- Artikel 80a RO-zaken
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie niet-ontvankelijk in zaak over uitstel betaling belastingen en immateriële schade
Belanghebbende verzocht om uitstel van betaling van de aanslagen onroerendezaakbelasting, rioolheffing en afvalstoffenheffing over 2016, en om vergoeding van immateriële schade wegens overschrijding van de redelijke termijn. Na uitspraak van de Rechtbank Amsterdam en hoger beroep bij het Gerechtshof Amsterdam, richtte belanghebbende zich tot de Hoge Raad met een cassatieberoep.
De Hoge Raad heeft het cassatieberoep inhoudelijk beoordeeld en geoordeeld dat het beroep duidelijk niet kan slagen. Op grond van artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie heeft de Hoge Raad het beroep zonder verdere motivering niet-ontvankelijk verklaard.
Er is geen veroordeling in proceskosten opgelegd. Het arrest is op 27 november 2020 in het openbaar uitgesproken door de raadsheren Wortel, Beukers-van Dooren en Cools.
Uitkomst: Het beroep in cassatie is niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan kans van slagen.