ECLI:NL:HR:2020:1404
Hoge Raad
- Cassatie
- R.J. Koopman
- E.N. Punt
- P.M.F. van Loon
- L.F. van Kalmthout
- E.F. Faase
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie ongegrond inzake navorderingsaanslag inkomstenbelasting 2010
De erfgenamen van de overledene hebben beroep in cassatie ingesteld tegen het arrest van het Gerechtshof 's-Hertogenbosch van 8 maart 2019, waarin het hof het hoger beroep behandelde tegen een uitspraak van de Rechtbank Zeeland-West-Brabant over een navorderingsaanslag inkomstenbelasting en heffingsrente over het jaar 2010.
De Hoge Raad heeft de ingediende middelen beoordeeld en geoordeeld dat deze niet tot vernietiging van het hofarrest kunnen leiden. Omdat de beoordeling geen vragen van belang voor de eenheid of ontwikkeling van het recht bevat, is geen nadere motivering vereist volgens artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie.
De Hoge Raad ziet geen aanleiding om proceskosten toe te wijzen en verklaart het beroep in cassatie ongegrond. Het arrest is in het openbaar uitgesproken op 11 september 2020 door de vijf raadsheren onder voorzitterschap van vice-president Koopman.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt ongegrond verklaard.