ECLI:NL:HR:2020:1395
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie niet-ontvankelijk wegens niet-betaling griffierecht
Belanghebbende, een B.V., had beroep in cassatie ingesteld tegen een uitspraak van het Gerechtshof Amsterdam betreffende kosten van vervolging opgelegd door het Waterschap Amstel, Gooi en Vecht. De Hoge Raad heeft het beroep in cassatie beoordeeld op ontvankelijkheid, waarbij de betaling van het griffierecht centraal stond.
De griffier van de Hoge Raad had belanghebbende bij aangetekende brief gewezen op de verschuldigdheid van het griffierecht en een betalingstermijn van vier weken gesteld. Deze brief werd volgens Track&Trace bezorgd, maar het griffierecht werd niet voldaan. Vervolgens kreeg belanghebbende een tweede brief met de mogelijkheid om een verklaring te geven voor het niet betalen, maar de aangevoerde redenen werden niet als voldoende geacht.
De Hoge Raad oordeelde dat het griffierecht ook na een administratief teruggestorte eerste betaling verschuldigd blijft en dat de stelling dat deze eerste betaling bevrijdend zou zijn, onjuist is. Daarom werd het beroep in cassatie niet-ontvankelijk verklaard. De Hoge Raad zag geen aanleiding om proceskosten toe te wijzen. Het arrest werd door drie raadsheren uitgesproken op 11 september 2020.
Uitkomst: Het beroep in cassatie is niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-betaling van het griffierecht.