Uitspraak
gevestigd te Groningen,
gevestigd te Utrecht,
gevestigd te Utrecht,
16 mei 2017 en 23 januari 2018.
2.Uitgangspunten en feiten
3.Beoordeling van het middel
4.Beslissing
7 juni 2019.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Hoge Raad
Conductore B.V., een toegelaten zorginstelling die geestelijke gezondheidszorg verleent, vordert dat Achmea c.s. wordt veroordeeld tot betaling van het volledige NZa-tarief voor niet-gecontracteerde zorg, omdat zij meent dat de gehanteerde generieke korting van 25% onrechtmatig is en in strijd met artikel 13 lid 1 van Pro de Zorgverzekeringswet (Zvw).
De rechtbank en het hof hebben de vorderingen van Conductore afgewezen. Het hof oordeelde dat een vergoeding van 75% van het marktconforme tarief geen feitelijke hinderpaal vormt voor verzekerden om zorg af te nemen bij niet-gecontracteerde zorgaanbieders, en dat de korting niet in strijd is met het hinderpaalcriterium. Het hof ging uit van de gemiddelde zorggebruiker en niet van de minst draagkrachtige verzekerde.
De Hoge Raad bevestigt dit oordeel en overweegt dat de Zvw zorgverzekeraars een ruime vrijheid geeft om de vergoeding te bepalen, mits deze niet in strijd is met het hinderpaalcriterium en gelijk wordt toegepast. De tekst en totstandkomingsgeschiedenis van art. 13 lid 1 Zvw Pro bieden geen grondslag voor het beperken van de korting tot slechts de administratieve kosten. De generieke korting van 25% is niet onrechtmatig en het beroep wordt verworpen.
Uitkomst: Het cassatieberoep van Conductore wordt verworpen en de generieke korting van 25% op de vergoeding voor niet-gecontracteerde zorg is rechtmatig.