Uitspraak
1.Geding in cassatie
2.Beoordeling van de middelen
3.Beslissing
4 juni 2019.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Hoge Raad
De zaak betreft een cassatieberoep tegen een arrest van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden inzake opzetheling van een lokfiets, strafbaar gesteld onder artikel 416, lid 1, sub a van het Wetboek van Strafrecht.
De verdachte, geboren in 1980, heeft beroep in cassatie ingesteld tegen het arrest van het hof. De Advocaat-Generaal heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep. De Hoge Raad heeft de middelen beoordeeld en geoordeeld dat deze niet tot cassatie kunnen leiden.
Gezien artikel 81, eerste lid, van het Wetboek van Strafvordering is geen nadere motivering vereist omdat de middelen geen rechtsvragen oproepen die van belang zijn voor de rechtseenheid of rechtsontwikkeling.
Het arrest is gewezen door de vice-president van Schendel als voorzitter en de raadsheren Van den Brink en Van de Griend, en uitgesproken op 4 juni 2019. Het beroep is verworpen, waarmee het arrest van het hof bekrachtigd blijft.
Uitkomst: Het cassatieberoep van de verdachte wordt verworpen en het arrest van het hof wordt bekrachtigd.