Uitspraak
gevestigd te Sittard,
gemeente Sittard-Geleen,
wonende te [woonplaats],
1.Het geding in feitelijke instanties
2.Het geding in cassatie
3.Beoordeling van het middel
4.Beslissing
8 maart 2019.
Hoge Raad
In deze zaak stond de vraag centraal of een concurrentie- en relatiebeding in een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd kan worden geschorst. Fromatech Ingredients B.V. had tegen de werknemer een kort geding aangespannen waarin het concurrentiebeding werd geschorst. Het gerechtshof 's-Hertogenbosch bevestigde deze schorsing in het arrest van 9 januari 2018.
Fromatech stelde vervolgens cassatieberoep in bij de Hoge Raad, waarbij zij betoogde dat het concurrentiebeding noodzakelijk was en dat de zwaarwegende bedrijfsbelangen niet voldoende waren aangetoond. De Advocaat-Generaal adviseerde het cassatieberoep te verwerpen.
De Hoge Raad oordeelde dat de klachten van Fromatech niet tot cassatie konden leiden en dat het niet nodig was om de rechtsvragen nader te motiveren, omdat deze niet van belang waren voor de rechtseenheid of rechtsontwikkeling. De Hoge Raad bevestigde daarmee het arrest van het gerechtshof en veroordeelde Fromatech in de kosten van het cassatiegeding.
Deze uitspraak bevestigt de strenge toetsing aan de noodzaak van concurrentiebedingen in arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd en benadrukt de stelplicht en bewijslast van de werkgever ten aanzien van zwaarwegende bedrijfsbelangen.
Uitkomst: De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde de schorsing van het concurrentiebeding.