ECLI:NL:HR:2019:1713
Hoge Raad
- Cassatie
- R.J. Koopman
- P.M.F. van Loon
- L.F. van Kalmthout
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring beroep in cassatie inzake belastingaanslagen en boetebeschikkingen
Belanghebbende heeft beroep in cassatie ingesteld tegen uitspraken van het Gerechtshof Amsterdam en de Rechtbank Noord-Holland betreffende navorderingsaanslagen inkomstenbelasting, premies volksverzekeringen, inkomensafhankelijke bijdrage Zorgverzekeringswet, boetebeschikkingen en heffingsrente over de jaren 2006 tot en met 2010.
De Hoge Raad beoordeelde de ontvankelijkheid van het cassatieberoep en constateerde dat het beroepschrift niet voldeed aan de eis van artikel 6:5, lid 1, letter d, Awb, omdat de gronden van het beroep ontbraken. Ondanks een aangetekende brief van de griffier om dit gebrek binnen zes weken te herstellen, bleef een reactie uit.
Daarom verklaarde de Hoge Raad het beroep in cassatie niet-ontvankelijk. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Het arrest werd gewezen door de vice-president en twee raadsheren en in het openbaar uitgesproken op 8 november 2019.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van gronden in het beroepschrift.