ECLI:NL:HR:2019:1612

Hoge Raad

Datum uitspraak
18 oktober 2019
Publicatiedatum
17 oktober 2019
Zaaknummer
19/03380
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 lid 1 ROArt. 15 Wet BopzArt. 8a Wet Bopz
Verwijzingen
5 uitgaand · 2 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verwerping cassatieberoep inzake machtiging voortgezet verblijf Wet Bopz

Betrokkene heeft cassatieberoep ingesteld tegen de beschikking van de rechtbank Gelderland van 26 juni 2019 betreffende een machtiging tot voortgezet verblijf op grond van de Wet Bopz. De officier van justitie heeft geen verweerschrift ingediend. De Advocaat-Generaal heeft geconcludeerd tot verwerping van het cassatieberoep.

De Hoge Raad heeft het middel van betrokkene beoordeeld en geoordeeld dat de aangevoerde klachten niet tot cassatie kunnen leiden. Gezien artikel 81 lid 1 van Pro het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering is geen nadere motivering vereist omdat de klachten niet leiden tot beantwoording van rechtsvragen van belang voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling.

Daarom heeft de Hoge Raad het cassatieberoep verworpen en de beschikking van de rechtbank gehandhaafd. De uitspraak is gedaan door de raadsheren van de Hoge Raad en in het openbaar uitgesproken door raadsheer C.E. du Perron op 18 oktober 2019.

Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep tegen de beschikking inzake machtiging voortgezet verblijf Wet Bopz.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer19/03380
Datum18 oktober 2019
BESCHIKKING
In de zaak van
[betrokkene],
verblijvende te [plaats],
VERZOEKER tot cassatie,
hierna: betrokkene,
advocaat: mr. M.E. Bruning,
tegen
DE OFFICIER VAN JUSTITIE IN HET ARRONDISSEMENT OOST-NEDERLAND,
VERWEERDER in cassatie,
hierna: de officier van justitie,
niet verschenen.
1. Procesverloop
Voor het verloop van het geding in feitelijke instantie verwijst de Hoge Raad naar de beschikking in de zaak C/05/354494 / FA RK 19-1813 van de rechtbank Gelderland van 26 juni 2019. De beschikking van de rechtbank is aan deze beschikking gehecht.
Betrokkene heeft tegen de beschikking van de rechtbank beroep in cassatie ingesteld. De officier van justitie heeft geen verweerschrift ingediend.
De conclusie van de Advocaat-Generaal M.L.C.C. Lückers strekt tot verwerping van het cassatieberoep.

2.Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO Pro, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3.Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Deze beschikking is gegeven door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, M.J. Kroeze en C.H. Sieburgh, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer C.E. du Perron op
18 oktober 2019.