Uitspraak
1.Geding in cassatie
2.Beoordeling van het middel
3.Slotsom
Hoge Raad onderworpen - niet in stand kan blijven en als volgt moet worden beslist.
4.Beslissing
22 mei 2018.
Hoge Raad
De zaak betreft het hoger beroep van verdachte tegen een vonnis van de politierechter waarbij het hof de verdachte niet-ontvankelijk verklaarde voor zover het hoger beroep zich richtte tegen de beslissing omtrent beslag. De politierechter had op 2 juli 2015 mondeling vonnis gewezen, waarbij de beslissing omtrent beslag was uitgezonderd en op 16 juli 2015 een schriftelijk vonnis met uitsluitend de beslagbeslissing uitgesproken.
Het hof oordeelde dat het hoger beroep niet tegen de beslagbeslissing was gericht en verklaarde verdachte niet-ontvankelijk. De Hoge Raad stelt dat de politierechter onjuist heeft geoordeeld dat de beslagbeslissing niet in het mondeling vonnis hoefde te worden opgenomen en dat art. 407 Sv Pro niet voorziet in uitsluiting van beslagbeslissingen van het hoger beroep.
De Hoge Raad vernietigt het arrest van het hof voor zover het de ontvankelijkheid betreft en verwijst de zaak terug naar het hof voor hernieuwde berechting en afdoening van het hoger beroep met betrekking tot de beslagbeslissing.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest van het hof en wijst de zaak terug voor hernieuwde berechting van het hoger beroep tegen de beslagbeslissing.