ECLI:NL:HR:2017:945

Hoge Raad

Datum uitspraak
23 mei 2017
Publicatiedatum
23 mei 2017
Zaaknummer
16/02542
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 RO
Verwijzingen
3 uitgaand · 4 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad bevestigt veroordeling voor medeplegen en medeplichtigheid aan moord in Antwerpen

De zaak betreft het cassatieberoep van verdachte tegen een arrest van het Gerechtshof Amsterdam van 10 mei 2016, waarin hij werd veroordeeld voor medeplegen en medeplichtigheid aan medeplegen van moord in Antwerpen.

De Advocaat-Generaal heeft geconcludeerd tot vernietiging van het bestreden arrest uitsluitend voor wat betreft de strafoplegging, met een voorstel tot vermindering van de straf, maar tot verwerping van het beroep voor het overige. De raadsman van verdachte heeft hier schriftelijk op gereageerd.

De Hoge Raad oordeelt dat de middelen van cassatie niet leiden tot cassatie en dat nadere motivering niet nodig is omdat geen rechtsvragen in het belang van rechtseenheid of rechtsontwikkeling aan de orde zijn.

Daarmee wordt het beroep verworpen en blijft het arrest van het Gerechtshof Amsterdam in stand. De uitspraak is gedaan door de vice-president en twee raadsheren tijdens een openbare terechtzitting op 23 mei 2017.

Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en het arrest van het Gerechtshof Amsterdam wordt bevestigd.

Uitspraak

23 mei 2017
Strafkamer
nr. S 16/02542
IV/SG
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Amsterdam van 10 mei 2016, nummer 23/004685-14, in de strafzaak tegen:
[verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1984.

1.Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze hebben B.P. de Boer, advocaat te Amsterdam, en D.N. de Jonge, advocaat te Rotterdam, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal A.J. Machielse heeft geconcludeerd tot vernietiging van de bestreden uitspraak, maar uitsluitend wat betreft de strafoplegging, tot vermindering van de opgelegde straf en tot verwerping van het beroep voor het overige.
De raadsvrouwe D.N. de Jonge heeft daarop schriftelijk gereageerd.
2. Beoordeling van de middelen
De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3.Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren V. van den Brink en A.L.J. van Strien, in bijzijn van de waarnemend griffier A.C. ten Klooster, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
23 mei 2017.