Uitspraak
[X]te
[Z](hierna: belanghebbende) tegen de uitspraak van het
Gerechtshof Den Haagvan 5 september 2017, nr. BK-17/00354, betreffende de aan belanghebbende opgelegde naheffingsaanslag in de parkeerbelasting van de gemeente Dordrecht.
Hoge Raad
In deze zaak gaat het om een beroep in cassatie tegen een uitspraak van het gerechtshof Den Haag over een naheffingsaanslag parkeerbelasting opgelegd door de gemeente Dordrecht aan belanghebbende.
De Hoge Raad beoordeelt de ontvankelijkheid van het cassatieberoep en concludeert dat de voorgestelde middelen geen behandeling in cassatie rechtvaardigen. Dit omdat de belanghebbende klaarblijkelijk onvoldoende belang heeft bij het cassatieberoep of omdat de middelen niet tot cassatie kunnen leiden.
Op grond van artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie en na overleg met de Procureur-Generaal verklaart de Hoge Raad het beroep in cassatie niet-ontvankelijk. Het arrest is op 8 december 2017 in het openbaar uitgesproken door raadsheren Wortel, Groeneveld en Beukers-van Dooren.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens onvoldoende belang of gebrek aan cassatiegronden.