ECLI:NL:HR:2015:1702

Hoge Raad

Datum uitspraak
23 juni 2015
Publicatiedatum
23 juni 2015
Zaaknummer
13/06271
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Cassatie
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 RO
Verwijzingen
3 uitgaand · 4 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verwerping cassatieberoep tegen arrest Gerechtshof Amsterdam

Verdachte heeft beroep in cassatie ingesteld tegen een arrest van het Gerechtshof Amsterdam van 29 november 2013. De advocaat van verdachte heeft middelen van cassatie voorgesteld, waarop de Advocaat-Generaal heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep. De raadsman van verdachte heeft hier schriftelijk op gereageerd.

De Hoge Raad heeft de middelen beoordeeld en geoordeeld dat deze niet tot cassatie kunnen leiden. Gezien artikel 81, eerste lid, van het Wetboek van Strafvordering is geen nadere motivering vereist omdat de middelen geen rechtsvragen oproepen die van belang zijn voor de rechtseenheid of rechtsontwikkeling.

Het arrest is gewezen door de raadsheren H.A.G. Splinter-van Kan (voorzitter), Y. Buruma en V. van den Brink en uitgesproken tijdens een openbare terechtzitting op 23 juni 2015. Het beroep wordt verworpen, waarmee het arrest van het Gerechtshof Amsterdam in stand blijft.

Uitkomst: Het cassatieberoep van verdachte is verworpen, het arrest van het Gerechtshof Amsterdam blijft in stand.

Uitspraak

23 juni 2015
Strafkamer
nr. S 13/06271
BKL
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Amsterdam van 29 november 2013, nummer 23/003689-12, in de strafzaak tegen:
[verdachte], geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1986.

1.Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft mr. N. van der Laan, advocaat te Amsterdam, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal G. Knigge heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De raadsman heeft daarop schriftelijk gereageerd.

2.Beoordeling van de middelen

De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3.Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de raadsheer H.A.G. Splinter-van Kan als voorzitter, en de raadsheren Y. Buruma en V. van den Brink, in bijzijn van de griffier S.P. Bakker, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
23 juni 2015.