Uitspraak
de Staatssecretaris van Financiëntegen de uitspraak van het
Gerechtshof Amsterdamvan 3 juli 2014, nrs. 12/01029 en 12/01030, op de hoger beroepen van
de erven [X], gewoond hebbende te
[Z](hierna: belanghebbenden) tegen een uitspraak van de Rechtbank te Haarlem (nrs. AWB 11/5957 en 11/5958) betreffende de aan erflater over het jaar 1995 opgelegde navorderingsaanslag in de inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen en de over het jaar 1996 opgelegde navorderingsaanslag in de vermogensbelasting en de daarbij gegeven beschikkingen inzake heffingsrente.