Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:HR:2014:913

Hoge Raad

Datum uitspraak
15 april 2014
Publicatiedatum
15 april 2014
Zaaknummer
12/05295
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Cassatie
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 ROArt. 126m.1 SvArt. 359a Sv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verwerping cassatieberoep in zaak ernstige inbreuk rechtsorde bij woninginbraak

De zaak betreft een cassatieberoep van een verdachte tegen een arrest van het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch in een strafzaak over een woninginbraak. De verdachte werd door het hof veroordeeld, waarna hij in cassatie ging bij de Hoge Raad. De Advocaat-Generaal heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

De Hoge Raad heeft het middel van cassatie beoordeeld en geoordeeld dat dit middel niet tot cassatie kan leiden. Gezien artikel 81, eerste lid, van het Wetboek van Strafvordering was geen nadere motivering noodzakelijk, omdat het middel geen rechtsvragen opriep die van belang zijn voor de rechtseenheid of rechtsontwikkeling.

Het arrest is gewezen door de vice-president en vier raadsheren en uitgesproken tijdens een openbare terechtzitting. Hiermee is het beroep van de verdachte verworpen en blijft het arrest van het hof in stand.

Uitkomst: Het cassatieberoep van de verdachte wordt verworpen, het arrest van het hof blijft in stand.

Uitspraak

15 april 2014
Strafkamer
nr. 12/05295
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch van 5 november 2012, nummer 20/001230-11, in de strafzaak tegen:
[verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1962.

1.Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze hebben mr. I.T.H.L. van de Bergh en mr. S. Weening, beiden advocaat te Maastricht, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal A.E. Harteveld heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2.Beoordeling van het middel

Het middel kan niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu het middel niet noopt tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3.Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren H.A.G. Splinter-van Kan, Y. Buruma, N. Jörg en V. van den Brink in bijzijn van de griffier S.P. Bakker, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
15 april 2014.