Belanghebbende stelde beroep in cassatie in tegen het arrest van het Gerechtshof Amsterdam van 7 november 2013, waarin het hoger beroep tegen een uitspraak van de Rechtbank te ’s-Gravenhage inzake een erfbelastingaanslag werd behandeld.
De Hoge Raad heeft de klachten van belanghebbende beoordeeld en geoordeeld dat deze niet tot cassatie kunnen leiden. Dit oordeel is gebaseerd op artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie, omdat de klachten geen rechtsvragen opriepen die van belang zijn voor de rechtseenheid of rechtsontwikkeling.
Verder heeft de Hoge Raad geen aanleiding gezien om belanghebbende te veroordelen in de proceskosten. Het arrest is op 11 april 2014 in het openbaar uitgesproken door de raadsheren Schaap, Fierstra en Groeneveld.