ECLI:NL:HR:2014:18

Hoge Raad

Datum uitspraak
7 januari 2014
Publicatiedatum
7 januari 2014
Zaaknummer
12/03496
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Cassatie
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 RO
Verwijzingen
5 uitgaand · 3 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verwerping beroep in cassatie inzake terugkeerrichtlijn

De verdachte, geboren in 1970, stelde beroep in cassatie in tegen een arrest van het Gerechtshof te Leeuwarden van 26 april 2012 in een strafzaak. Het cassatieberoep werd namens de verdachte ingediend door mr. S.J. van der Woude, advocaat te Amsterdam. De waarnemend Advocaat-Generaal J. Wortel concludeerde tot verwerping van het beroep, waarop de raadsman schriftelijk reageerde.

De Hoge Raad beoordeelde de middelen en oordeelde dat deze niet tot cassatie konden leiden. Gezien artikel 81, eerste lid, van het Wetboek van Strafvordering was geen nadere motivering vereist omdat de middelen geen rechtsvragen opriepen die van belang waren voor de rechtseenheid of rechtsontwikkeling.

Daarom werd het beroep verworpen. Het arrest werd gewezen door de vice-president A.J.A. van Dorst als voorzitter en de raadsheren W.F. Groos en V. van den Brink, en uitgesproken tijdens een openbare terechtzitting op 7 januari 2014.

Uitkomst: Het cassatieberoep van verdachte wordt verworpen zonder nadere motivering.

Uitspraak

7 januari 2014
Strafkamer
nr. 12/03496
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof te Leeuwarden van 26 april 2012, nummer 24/000288-12, in de strafzaak tegen:
[verdachte], geboren te [geboorteplaats] in het jaar 1970.

1.Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft mr. S.J. van der Woude, advocaat te Amsterdam, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De waarnemend Advocaat-Generaal J. Wortel heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De raadsman heeft daarop schriftelijk gereageerd.

2.Beoordeling van de middelen

De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3.Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president A.J.A. van Dorst als voorzitter, en de raadsheren W.F. Groos en V. van den Brink, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
7 januari 2014.