ECLI:NL:HR:2011:BL0214
Hoge Raad
- Cassatie
- C.B. Bavinck
- A.R. Leemreis
- J.A.C.A. Overgaauw
- P.M.F. van Loon
- M.A. Fierstra
- Rechtspraak.nl
Mededingingsboete valt volledig onder aftrekuitsluiting vennootschapsbelasting
Belanghebbende, een onderneming bestaande uit meerdere rechtspersonen, kreeg voor het jaar 2004 een aanslag vennootschapsbelasting opgelegd. Deze aanslag werd gehandhaafd na bezwaar en het daaropvolgende beroep bij de Rechtbank, die het beroep ongegrond verklaarde. Vervolgens stelde belanghebbende beroep in cassatie in tegen de uitspraak van de Rechtbank.
De kern van het geschil betrof de vraag of een door de Nederlandse Mededingingsautoriteit (NMa) opgelegde boete, wegens overtreding van de Mededingingswet in de sector Burgerlijke & Utiliteitsbouw, volledig valt onder de aftrekuitsluiting van artikel 3.14 Wet IB 2001. Belanghebbende stelde dat de boete deels een voordeelontnemend karakter heeft en daarom aftrekbaar zou moeten zijn.
De Hoge Raad verwierp dit standpunt en bevestigde dat de boete, opgelegd op grond van artikel 56, lid 1, aanhef en letter c, van de Mededingingswet, gericht is op bestraffing van de overtreder. Het feit dat bij het bepalen van de boete rekening wordt gehouden met de omzet van de onderneming verandert hier niets aan. Er is geen sprake van een vaststelling van voordeelontneming die aftrekbaar zou zijn.
De Hoge Raad verklaarde het beroep in cassatie ongegrond en wees geen proceskosten toe. Hiermee werd bevestigd dat mededingingsboetes niet aftrekbaar zijn in de vennootschapsbelasting.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt ongegrond verklaard en de mededingingsboete valt volledig onder de aftrekuitsluiting in de vennootschapsbelasting.