ECLI:NL:HR:2010:BO1726
Hoge Raad
- Cassatie
- F.H. Koster
- B.C. de Savornin Lohman
- C.H.W.M. Sterk
- Rechtspraak.nl
Vernietiging en terugwijzing wegens onjuiste motivering afwijzing getuigenverzoeken in hoger beroep
In deze strafzaak ging het in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof te 's-Gravenhage waarin het hof het verzoek van de verdediging tot het horen van drie getuigen had afgewezen. De verdediging had deze getuigen bij appelschriftuur opgegeven en wilde hen horen om onder meer duidelijkheid te krijgen over de inzet van bijzondere opsporingsbevoegdheden.
Het hof had het verzoek afgewezen met als motivering dat de getuigen uitvoerders waren van beslissingen van het openbaar ministerie en dat vragen over de rechtmatigheid daarvan door het openbaar ministerie moesten worden beantwoord. De Hoge Raad oordeelde dat het hof, gelet op de wettelijke bepalingen, het verzoek slechts mocht afwijzen indien redelijkerwijs kon worden aangenomen dat de verdediging daardoor niet werd geschaad. Uit de motivering van het hof bleek niet dat deze maatstaf was toegepast.
Daarom vernietigde de Hoge Raad het arrest en verwees de zaak terug naar het hof voor een nieuwe beoordeling en afdoening van het hoger beroep, waarbij het hof de juiste maatstaf moet hanteren bij de afwijzing van getuigenverzoeken.
Uitkomst: Het arrest van het hof is vernietigd en de zaak is terugverwezen voor hernieuwde berechting.