ECLI:NL:HR:2010:BL7965
Hoge Raad
- Cassatie
- D.G. van Vliet
- E.N. Punt
- J.A.C.A. Overgaauw
- Rechtspraak.nl
Vernietiging en verwijzing in zaak over definitie bestelauto voor BPM-heffing
Belanghebbende kreeg een naheffingsaanslag BPM opgelegd, die na bezwaar werd gehandhaafd door de Inspecteur. De rechtbank Breda vernietigde deze naheffingsaanslag en de uitspraak van de Inspecteur. Het hof bevestigde dit oordeel. De Staatssecretaris van Financiën stelde cassatieberoep in tegen het arrest van het hof.
De kern van het geschil betrof de definitie van een bestelauto volgens artikel 3 van Pro de Wet BPM, met name de eis dat de laadruimte geheel voorzien moet zijn van een vlakke laadvloer met bepaalde minimale afmetingen. De Hoge Raad bevestigde zijn eerdere jurisprudentie dat bij aanwezigheid van twee autostoelen achter de bestuurders- en passagiersstoel slechts de ruimte achter deze stoelen als laadruimte kan gelden.
De Hoge Raad oordeelde dat het hof ten onrechte had geoordeeld dat het motorrijtuig geheel voldeed aan de eisen voor een bestelauto. Daarom vernietigde de Hoge Raad het arrest en verwees de zaak terug naar het hof voor verdere behandeling van de door belanghebbende aangevoerde klachten die niet waren behandeld. De Hoge Raad wees proceskostenveroordeling af.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt gegrond verklaard, het arrest van het hof vernietigd en de zaak verwezen naar het Gerechtshof te Arnhem.