ECLI:NL:HR:2010:BK9229

Hoge Raad

Datum uitspraak
9 maart 2010
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
08/03170
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Nietig
Procedures
  • Cassatie
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 588, derde lid onder c Sv
Verwijzingen
2 uitgaand · 3 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Nietigverklaring van de dagvaarding in hoger beroep wegens onduidelijke betekening

In deze strafzaak stond de geldigheid van de betekening van de dagvaarding in hoger beroep centraal. De verdachte was niet verschenen bij de terechtzitting in hoger beroep, waarna verstek tegen hem werd verleend. Het hof had in het arrest een ander adres van de verdachte vastgesteld dan het adres waarop de dagvaarding was betekend. Hierdoor was onduidelijk of de dagvaarding rechtsgeldig was betekend.

De Hoge Raad oordeelde dat het hof het oordeel over de rechtsgeldige betekening van de dagvaarding nader had moeten motiveren, mede gezien het verschil in adressen. Het ontbreken van deze motivering maakte dat het arrest niet in stand kon blijven.

Omwille van doelmatigheid verklaarde de Hoge Raad de dagvaarding in hoger beroep nietig en vernietigde het bestreden arrest. Hiermee werd het beroep in hoger beroep niet ontvankelijk verklaard vanwege de ongeldige betekening.

De uitspraak benadrukt het belang van een correcte en duidelijk gemotiveerde betekening van processtukken, zeker wanneer het adres van de verdachte niet eenduidig is vastgesteld.

Uitkomst: De Hoge Raad verklaart de dagvaarding in hoger beroep nietig en vernietigt het bestreden arrest.

Uitspraak

9 maart 2010
Strafkamer
nr. 08/03170
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een bij verstek gewezen arrest van het Gerechtshof te 's-Gravenhage van 8 mei 2007, nummer 22/003557-06, in de strafzaak tegen:
[Verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1984, wonende te [woonplaats].
1. Geding in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft mr. G.M. van der Ent, advocaat te Rotterdam, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal Vellinga heeft geconcludeerd tot vernietiging van het bestreden arrest en tot nietigverklaring van de dagvaarding in hoger beroep.
2. Beoordeling van het middel
2.1. Het middel klaagt over de betekening van de appeldagvaarding.
2.2. Bij de stukken van het geding bevinden zich:
(a) het dubbel van de dagvaarding van de verdachte om te verschijnen ter terechtzitting in hoger beroep van 24 april 2007 dat als adres vermeldt: [a-straat 1] te [plaats];
(b) een aan dat dubbel gehechte akte van uitreiking die inhoudt dat die dagvaarding is uitgereikt op de wijze als voorzien in art. 588, derde lid onder c, Sv nadat op voormeld adres niemand was aangetroffen;
(c) het proces-verbaal van genoemde terechtzitting waaruit blijkt dat de verdachte aldaar niet is verschenen en tegen hem verstek is verleend.
Het bestreden arrest vermeldt als adres van de verdachte: [b-straat 1] te [plaats].
Gelet op deze vaststelling door het Hof van het adres van de verdachte, behoeft het in het bestreden arrest besloten liggende oordeel dat de dagvaarding in hoger beroep - uitgereikt op de wijze als hiervoor onder (b) vermeld - rechtsgeldig is betekend, nadere motivering. Het middel klaagt terecht over het ontbreken van deze motivering.
De bestreden uitspraak kan dus niet in stand blijven. De Hoge Raad zal de appeldagvaarding om doelmatigheidsredenen nietig verklaren.
3. Beslissing
De Hoge Raad:
vernietigt de bestreden uitspraak;
verklaart de dagvaarding in hoger beroep nietig.
Dit arrest is gewezen door de vice-president A.J.A. van Dorst als voorzitter, en de raadsheren J. de Hullu en C.H.W.M. Sterk, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken op 9 maart 2010.