ECLI:NL:HR:2009:BJ3483
Hoge Raad
- Cassatie
- A.J.A. van Dorst
- H.A.G. Splinter-van Kan
- C.H.W.M. Sterk
- Rechtspraak.nl
Verwerping cassatieberoep wegens ontbreken van klachten over art. 359 lid 3 Sv
In deze zaak heeft de verdachte cassatieberoep ingesteld tegen een arrest van het Gerechtshof te 's-Gravenhage. De Advocaat-Generaal concludeerde tot vernietiging van het bestreden arrest en terugwijzing naar het Hof voor hernieuwde berechting. De raadsheren hebben schriftelijk op deze conclusie gereageerd.
De Hoge Raad beoordeelde de middelen en oordeelde dat deze niet tot cassatie konden leiden, mede omdat niet werd geklaagd over de toepassing van art. 359 lid 3 Sv Pro, dat bepaalt dat cassatie niet mogelijk is indien het hof volstaat met een opgave van bewijsmiddelen. Hierdoor was geen aanleiding tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van rechtseenheid of rechtsontwikkeling.
De Hoge Raad stelde vast dat er geen grond was om het arrest ambtshalve te vernietigen en wees het beroep van de verdachte af. Het arrest werd gewezen door de vice-president en twee raadsheren en uitgesproken op 22 september 2009.
Uitkomst: Het cassatieberoep van verdachte wordt verworpen wegens ontbreken van klachten over art. 359 lid 3 Sv.