ECLI:NL:HR:2007:AZ2587
Hoge Raad
- Cassatie
- J.B. Fleers
- A.M.J. van Buchem-Spapens
- E.J. Numann
- A. Hammerstein
- W.D.H. Asser
- Rechtspraak.nl
Ontvankelijkheid hoger beroep tegen opheffing conservatoir vreemdelingenbeslag op zeeschip
In deze zaak heeft Itera conservatoir vreemdelingenbeslag gelegd op het m.s. "Action", eigendom van Wessex. De voorzieningenrechter heeft dit beslag opgeheven omdat de gronden voor het beslag ondeugdelijk waren aangetoond. Itera stelde hoger beroep in tegen deze opheffing, maar maakte de hoofdvordering niet tijdig aanhangig binnen de termijn van vier weken zoals bepaald in art. 700 lid 3 Rv Pro.
Het gerechtshof vernietigde het vonnis van de voorzieningenrechter en wees de gevraagde voorziening van Wessex af, waarbij het oordeelde dat het niet tijdig aanhangig maken van de bodemprocedure geen reden was voor niet-ontvankelijkheid van het hoger beroep. Wessex stelde beroep in cassatie tegen dit arrest.
De Hoge Raad bevestigt dat de termijn van art. 700 lid 3 Rv Pro. bedoeld is om te voorkomen dat beslag alleen als pressiemiddel wordt gebruikt. Echter, wanneer het beslag door de voorzieningenrechter is opgeheven, verliest deze termijn haar functie. De appelrechter die de opheffing vernietigt, moet een nieuwe termijn bepalen. Het beroep van Wessex wordt verworpen en zij wordt veroordeeld in de proceskosten.
De uitspraak benadrukt de taak van de appelrechter bij het bepalen van een nieuwe termijn en bevestigt de ontvankelijkheid van het hoger beroep ondanks het niet tijdig instellen van de hoofdvordering.
Uitkomst: Het cassatieberoep van Wessex wordt verworpen en zij wordt veroordeeld in de proceskosten.