ECLI:NL:HR:2006:AZ1835
Hoge Raad
- Cassatie
- P.J. van Amersfoort
- P. Lourens
- C.B. Bavinck
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt uitspraak Hof inzake verzending uitspraak op bezwaar aan gemachtigde
Belanghebbende kreeg voor de jaren 1997, 1998 en 1999 naheffingsaanslagen en boetes opgelegd inzake de omzetbelasting. Na bezwaar handhaafde de Inspecteur deze aanslagen en boetes. Belanghebbende ging in beroep bij het Hof, dat de beroepen niet-ontvankelijk verklaarde. Belanghebbende stelde vervolgens beroep in cassatie in bij de Hoge Raad.
Tijdens de zitting bij het Hof werd gesteld dat de gemachtigde van belanghebbende niet op de hoogte was gesteld van de uitspraken op bezwaar, hetgeen een schending van artikel 6:17 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb) inhoudt. Het Hof liet echter een oordeel hierover achterwege, wat volgens de Hoge Raad een motiveringsgebrek is.
De Hoge Raad verklaarde het cassatieberoep gegrond, vernietigde de uitspraak van het Hof en verwees de zaak naar het Gerechtshof Arnhem voor verdere behandeling met inachtneming van dit arrest. Tevens werd de Staat veroordeeld tot vergoeding van het griffierecht en de proceskosten aan de zijde van belanghebbende.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het vonnis van het Hof en verwijst de zaak terug voor verdere behandeling.