ECLI:NL:HR:2006:AX6290
Hoge Raad
- Cassatie
- D.G. van Vliet
- P.J. van Amersfoort
- P. Lourens
- C.B. Bavinck
- A.R. Leemreis
- Rechtspraak.nl
Prejudiciële vraag over aftrek hypotheekrente eigen woning bij grensarbeider in België
Belanghebbende, een Nederlandse ambtenaar woonachtig in België, werkte in Nederland en had een eigen woning in België gefinancierd met een Nederlandse hypotheek. Voor de jaren 1996 en 1997 werden aanslagen inkomstenbelasting opgelegd waarbij de negatieve inkomsten uit zijn Belgische woning niet als aftrekpost werden erkend.
De Inspecteur handhaafde deze aanslagen, en het Hof bevestigde dit oordeel. Belanghebbende stelde dat deze weigering in strijd was met de artikelen 39 en 56 EG, die de vrijheid van werknemers- en kapitaalverkeer waarborgen. De Hoge Raad overwoog dat het Nederlandse recht binnenlandse belastingplichtigen wel toestaat negatieve inkomsten uit eigen woning te verrekenen, maar niet voor niet-ingezetenen zoals belanghebbende.
Omdat het Hof van Justitie nog geen uitspraak had gedaan over deze specifieke vraag, verzocht de Hoge Raad om prejudiciële beslissing. De zaak werd aangehouden totdat het Hof van Justitie uitspraak doet over de vraag of het Europese recht zich verzet tegen het Nederlandse beleid dat grensarbeiders deze aftrek ontzegt.
Uitkomst: De Hoge Raad schorst de procedure en verzoekt het Hof van Justitie om prejudiciële beslissing over de aftrek van negatieve inkomsten uit eigen woning door grensarbeiders.