ECLI:NL:HR:2005:AR8210
Hoge Raad
- Cassatie
- J.B. Fleers
- O. de Savornin Lohman
- A.M.J. van Buchem-Spapens
- E.J. Numann
- W.A.M. van Schendel
- P. Neleman
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep cassatie inzake proceskostenbegroting advocaat
Verzoekster heeft bij de rechtbank een verzoek ingediend tot begroting van proceskosten in drie procedures tegen verweerder, op grond van artikel 33 van Pro de Wet tarieven in burgerlijke zaken (Wtbz). De Raad van Toezicht van de Orde van Advocaten had eerder een begrotingsbeslissing genomen die verzoekster betwistte. De voorzieningenrechter verklaarde verzoekster niet-ontvankelijk in haar verzoek tot nadere vaststelling en wees haar kostenveroordeling toe.
Verzoekster stelde beroep in cassatie in tegen deze beschikking, maar de Hoge Raad oordeelde dat op grond van de Wtbz tegen een beslissing van de rechter op grond van artikel 33 Wtbz Pro uitsluitend beroep mogelijk is via de in artikel 37 Wtbz Pro voorgeschreven bijzondere herzieningsprocedure bij het college dat de nadere vaststelling heeft gedaan. Cassatieberoep is uitgesloten.
Daarom verklaarde de Hoge Raad verzoekster niet-ontvankelijk in haar cassatieberoep en veroordeelde haar in de kosten van het geding. De uitspraak bevestigt de bijzondere en beperkte rechtsgang voor geschillen over advocatensalarissen zoals bedoeld in de Wtbz.
Uitkomst: Verzoekster wordt niet-ontvankelijk verklaard in haar cassatieberoep en veroordeeld in de proceskosten.