ECLI:NL:HR:2005:AR2932
Hoge Raad
- Cassatie
- F.H. Koster
- J.P. Balkema
- W.A.M. van Schendel
- J.W. Ilsink
- J. de Hullu
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt rechtmatigheid gebruik foto uit gemeentelijke administratie voor opsporingsonderzoek
In deze strafzaak stond de vraag centraal of het opvragen en gebruiken van een foto van de verdachte uit de paspoorten- en rijbewijzenadministratie van de gemeente voor een opsporingsonderzoek een onrechtmatige inbreuk op zijn persoonlijke levenssfeer vormt volgens artikel 8 EVRM Pro. De verdachte werd verdacht van oplichting gepleegd in vereniging met anderen.
De foto was op verzoek van de Officier van Justitie verkregen en opgenomen in een fotomap die werd gebruikt voor identificatie van mogelijke daders uit twee woonwagencentra. De verdediging stelde dat het gebruik van deze foto onrechtmatig was omdat er ten tijde van het opvragen geen redelijk vermoeden van schuld bestond, zoals vereist in artikel 27 Sv Pro.
De Hoge Raad oordeelde dat het enkele ontbreken van een redelijk vermoeden van schuld niet betekent dat het gebruik van de foto onrechtmatig is. De foto was vrijwillig verstrekt aan de gemeente en uitsluitend gebruikt voor het opsporingsonderzoek. Er was geen sprake van openbaarmaking of ander oneigenlijk gebruik. Het hof had het verweer van de verdediging dan ook terecht verworpen.
Verder werd geoordeeld dat het hof een verklaring van de verdachte die weinig inhoud had niet als redengevend bewijsmiddel had gebruikt, waardoor de bewezenverklaring voldoende gemotiveerd bleef. Het cassatieberoep werd verworpen en het arrest van het hof bevestigd.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen; het hofarrest dat de verdachte veroordeelde voor medeplegen van oplichting blijft in stand.